De zerk van formaat 130 x 271 cm, heeft iets onder het midden horizontaal een grote breuklijn. In het midden boven staat de tekst 'INGANK VAN NOMMERo 65'. De zerk heeft rondom een rand, met daarop een randschrift in gotische letters. In de vier hoeken bevinden zich gotische vierpassen met daarbinnen wapenschilden. De familiewapens zijn van de wapenschilden afgehakt.
Het randschrift luidt:
"INT . JAER . M . V c. (1554)
LIIII . DĒ . XVIII (18) . DACH . JANNUARIE . S..F . WYNANT . VA . PRESICHAEF .
INT . JAER . M . V c. (1573)
73 . DĒ . I . DACH . MERT . STARF . JOFFER . JAN . VĀ . DELĒ . SIN . HUISFROU . "
Opmerking : de 'R' in 'MERT' is afwijkend geschreven en lijkt op een 'Z'. Onduidelijk waarom
Net onder de rand is de zerk middenboven genummerd '65'. Binnen de rand is de zerk geheel bedekt met een wapenschild met dekkleden en een traliehelm die naar rechts kijkt. Op de helm ligt een wrong met daarboven het helmteken, bestaande uit een antieke vlucht en een nek en hoofd van een adelaar. Alleen het hoofd is gedeeltelijk weggehakt, maar nog goed te onderscheiden.
Het wapenschild hangt met 2 riemen aan de helm. Tussen de twee riemen (tussen helm en schild) heeft men het woord 'KELDER' uitgehakt. Het familiewapen is van het wapenschild afgehakt.
Door de registratie van Van Rhemen in 1701 is bekend dat linksboven het wapenschildje van 'PRESICHAEVEN' was en rechtsboven van 'DEHLEN' en rechtsonder 'HARDERWIJK'.
Wynant van Presichaef trouwde ca. 1539 met Jan / Johanna van Delen. Johanna was geboren ca. 1502 als de dochter van Evert van Delen (1451-ca.1529) en Ernest van Harderwijk (Ca. 1470-na 1523). Ze trouwde eerst met Herman Tengnegel, die in ca. 1539 overleed, vervolgens trouwde ze met Wynant van Presichaef. Het geslacht 'Van Delen' is een adelijk geslacht. Een van de voorouders, Godevaert Tengnagel was ridder en richter. Na zijn overlijden trouwde ze in 1540 met Wijnant van Presichaef.
Wynant was eerder getrouwd geweest met Gertruyt / Truyde Bentynck / Bentynckx / Bentinck, zij overleed echter in 1539. Na haar overlijden trouwde hij met Johanna van Delen. De familie Bentinck maakte sinds 1436 deel uit van de Ridderschap van Veluwe. Diverse leden van dit geslacht vervulden belangrijke bestuurlijke posities in Arnhem en Overijssel, later ook internationaal, in Engeland en Zuid-Amerika bijvoorbeeld. Het lijkt erop dat Geertruid een dochter was van Hendrik Bentinck 'de Beste' (rentmeester van de Veluwe) en Geberich Lerink / Lerinck.
De naam Wynant van Presichaef wordt ook geschreven als Wijnand / Wynand / Wynandt / Wijnandt / Wijnolt / Wynat van Prisichave Presichaeff / Presichaven / Presinckhave / Preseinckhave / Presighaven / Presichave, enz.
Jan van Delen wordt ook geschreven als Johan / Johanna van Deleh / Deelen
Wynant van Presichaef is een telg uit het geslacht Presichaef. Hij heeft ervoor gezorgd dat het Presickhaeffs Huys zijn naam gekregen heeft. Het Presickhaeffs Huys is een van de oudst bewaard gebleven huizen van Arnhem, te vinden op de Kerkstraat 19. Gelis Ingen Nulandt was een van de eerst bekende bewoners van dit huis, hij was burgemeester van Arnhem. Later, in 1515, verkochten zijn erfgenamen het huis aan Bernt van Presickhave, ook burgemeester van Arnhem. Een exacte datum is niet bekend, maar waarschijnlijk rond 1541 worden Wynant en Johanna eigenaar van het huis. Ze laten dan noteren dat 'die van hen beiden langst en lest leeff en in den leven blijft, aan hun huis en hofstede, gelegen in de Koningstraat, uitgaande in de Kerkstraat, en voorts aan huisraad en ingedompt, goud, zilver, gemunt en ongemunt, onder en boven de aarde'.
Het Presickhaeffs Huys lag in de 16e eeuw aan de Koningstraat. De poort, nu te zien aan de Kerkstraat, is de oude achteringang van het huis. Het oudste gedeelte stamt uit 1358, de vleugel met de trapgevel werd in 1368 gebouwd en is nog vrijwel intact.
Grappig detail is dat bij de na-oorlogse restauratie van dit huis werd besloten om een oud luchtboogbeeld van de Eusebiuskerk op de top van de trapgevel te plaatsen.