
Deze zerk van formaat 122 x 204 cm is boven, links van het midden, genummerd "51" (Muschart registreerde hier nummer 81). De zerk heeft een smalle, beschadigde rand met daarop geen randschrift. Vlak onder de rand staat het woord "KELDER" in Latijnse letters. De zerk heeft twee grote breuklijnen, waarvan er een overdwars over het tekstvlak loopt.
Op de bovenste helft bevindt zich een groot wapenschild met dekkleden en een helm met wrong. Het familiewapen is van het wapenschild afgehakt en het helmteken werd weggehakt. Op de onderste helft bevindt zich een grote rechthoek met cartouche, waarop een tekst heeft gestaan, die volledig afgesleten is.
In de vier hoeken bevinden zich kleine wapenschilden, die de zijranden raken en waarvan de bovenste twee aan uitsteeksels van den bovenrand hangen en de onderste twee aan lofwerk zijn opgehangen. Ook van deze kleine wapenschilden zijn de familiewapens afgehakt.
In 1939 registreerde R.T. Muschart nog een 4 regelig opschrift. Het opschrift luidde als volgt:
„A° . 1630 . DEN . 30 . JULY . IS . GERUST . GERHARDT. VAN. BERCHEM".
Volgens de kerkboeken (zie afbeelding) was de zerk, genummerd "81" in 1634 : Bernt van Bercum zerck. Volgens dit boek is Jonker van Berchem in juli 1631 begraven (volgens Muschart).
Na Bernt kwam de zerk in het bezit van Jan van Berchum / Berchom. Later werd Broeder Derk v. Berchum ‘deken van ’t Capittel tot Santen’ eigenaar van de zerk.
De naam Berchum wordt ook geschreven als Berchom / Bercom / Bercum, enz.
--